Gemiddelde gezinswoning
“Een zorgwoning of woonunit in de tuin verschilt weinig van een echte woning. Die moeten aan dezelfde eisen voldoen op het vlak van isolatie of energie. Een klant van ons had een unit laten plaatsen als tijdelijke woning in afwachting van zijn bouw. Tot hij enkele maanden later vroeg of we niet ook zijn huis zelf konden bouwen.”
Een andere klant vroeg even later hetzelfde et voilà, de rest is geschiedenis. “Was de verhouding een dik jaar geleden 60% zorgwoningen, 20% huizen en 20% bijgebouwen, dan zitten we nu op ruim de helft huizen en zo’n 30% zorgwoningen. We doen amper nog iets anders.”
“De breedte van een unit varieert tussen de 3 en 4,5 meter en de lengte tussen de 4 en 12 meter. Door units boven en naast elkaar te plaatsen, zetten wij huizen van gemiddeld 100 tot 200 vierkante meter.” “
“In principe kunnen we ook groter bouwen, tot 300 zelfs 400 vierkante meter. Maar dan zit je toch in een andere markt. Die mensen hebben het budget om speciale keuzes te maken en af te wijken van standaardafmetingen en materialen. Terwijl onze huizen vrij gestandaardiseerd zijn. Wat niet hetzelfde betekent als identiek. Je kan bij ons de volledige indeling, raampartijen en gevelbekleding kiezen zoals bij een traditionele aannemer.”
Sneller en goedkoper
“Ik durf echt zeggen dat onze manier van bouwen zo’n 10 procent goedkoper is in vergelijking met de traditionele bouw. Al is de kostprijs voor onze klanten niet doorslaggevend. Wel de prijsvastheid. Onze prijs ligt op voorhand vast en verandert niet. Vandaag de dag niet onbelangrijk. Mensen willen geen verrassingen en cours de route.”
“Ook de snelheid van het bouwproces doet mensen voor modulair bouwen kiezen. Op een paar weken leveren wij je huis op. En de ontzorging natuurlijk. Doorheen het hele bouwproces heb je als klant slechts één aanspreekpunt.”
“Geloof me, ik weet waarover ik spreek. Mijn eigen bouw kon niet modulair en moest dus op de klassieke manier. Ik heb er nu al dik spijt van. De planning verandert constant. We zijn begin januari begonnen en zitten nog altijd maar aan de kelder.”
“Of we als modulaire bouwers geen doorn in het oog zijn voor de traditionele bouwers? Natuurlijk. Maar misschien nog meer in die van de architecten. Net omdat onze technisch tekenaars zelf onze huizen uittekenen. Maar de shift naar modulair bouwen komt er. Is al bezig. Voor projectontwikkelaars en grote projecten is dit de toekomst.
“Traditionele bouwers moeten echter niet vrezen. Klassiek bouwen zal blijven bestaan. Niet elk project is geschikt voor modulair bouwen en niet elke klant voelt zich goed in het modulaire verhaal. Veel Belgen hebben nog altijd een baksteen in de maag.”
Minder winst, maar meer tevreden klanten
“We zijn nu zo’n 5 jaar bezig. Officieel ben ik nog een starter, maar ik heb natuurlijk al langer ervaring als ondernemer. Vóór House of Steel had ik bijvoorbeeld mijn eigen securitybedrijf. In de beginjaren zag ik soms zwarte sneeuw. Maar ik heb eruit geleerd en de ervaring meegenomen naar House of Steel. Waardoor we nu staan waar we staan.”
“Natuurlijk waren de voorbije vijf jaren niet alleen rozengeur en maneschijn. Maar ik zou het zeker niet anders aangepakt hebben. Zo koos ik ervoor om enkel te werken met eigen personeel. Helemaal in het begin moesten we nog werken met buitenlandse onderaannemers, maar de communicatie verliep moeilijker en de onderaannemers waren niet altijd beschikbaar wanneer ik dat wou.”
“Ik ben ervan overtuigd dat eigen mensen meer voor je merk en product staan dan onderaannemers. Eigen personeel kost misschien meer en brengt minder winst op, maar het zorgt wel voor meer tevreden klanten, een strakkere planning en minder afhankelijkheid van derden.”
8 to 5 in een verwarmd atelier
“Mensen vinden, is vandaag geen enkel probleem meer. In tegenstelling tot wat ik van vele collega’s hoor. Wij trekken natuurlijk een ander soort arbeider aan. Mensen die het beu zijn om uren in de file te staan richting een werf en daar in weer en wind te werken. Hier begin je om acht uur, werk je een hele dag in een verwarmd atelier en je vertrekt om vijf uur. Geen verkeer, geen gedoe met materiaal over en weer vervoeren. En door tal van ergonomische hulpmiddelen beperken we het fysieke werk tot een minimum.”
“Vandaag werken hier zo’n vijftien arbeiders en een tiental bedienden. In de toekomst zou ik graag naar vijfentwintig arbeiders gaan. Ik wil ook van projectontwikkeling onze corebusiness maken. En onze omzet doen stijgen naar 10 miljoen euro per jaar. Al is geld verdienen niet mijn hoofddoel. Ik onderneem alleen omdat ik het tof vind. Dat klinkt natuurlijk romantisch, maar ik meen dat. De dag dat ik het niet meer leuk vind, stop ik er mee.”
“Waar ik nog van droom? Van modulaire hoogbouw. Denk aan studentenkoten of Formule1-hotels. Dat zou echt moeten lukken. En misschien toch nog ook van dat vakantiehuisje in de Ardennen (lacht).”