Interview met JDB Haarden en interieur

Gepubliceerd op: 07/01/2026

Vurig over vuur 

Vlammen die dansend aan houtblokken likken, geknetter en geknisper en vooral: zalige warmte. Zeker nu de kou stilaan in de kleren kruipt, klinkt dit als muziek in de oren. Bij JDB Haarden en Interieur in Rumst al drie generaties lang.  Grootvader Jos De Backer – JDB, dus – begon met haarden en –wanden in 1962. Vader Frans zette het bedrijf verder. Zoon Yagho nam in 2019 de leiding over en zette naast haarden ook volop in op totaalinterieur.  

Tekst Sanderijn Vanleenhove Foto’s Luc Daelemans 

Lees verder onder de foto

“Neen, het was niet van moeten”, lacht Yagho. “Als jongere hielp ik wel eens in het weekend mee en ik deed vakantiejobs. Maar toegegeven, tijdens mijn studies elektromechanica was ik er nog niet aan uit of ik in de zaak wou. Pas toen ik op het einde van mijn studies opnieuw  een vakantiejob deed, kreeg ik er meer zin in. En eenmaal ik er werkte, kreeg ik de microbe volledig te pakken.” 

Yagho is gepassioneerd door zijn bedrijf en product. “Geef toe, een wand met een haard is toch helemaal anders dan een zonder”. Of: “Er gaat niets boven de gezelligheid van vlammen zien”. Hij verkoopt geen haarden, hij predikt ze zowaar.  

Onsexy  

Al beseft hij dat het vuur niet bij iedereen zo hevig wakkert. “De haardenwereld is een niet-groeiende markt. Steeds minder mensen kiezen voor een haard. Niet altijd een bewuste keuze trouwens. De politiek maakt haarden onsexy. Gasleidingen zijn verboden bij nieuwbouw, dus een gashaard is daar sowieso al uitgesloten.”  

“Ook de gasprijs schrikt mensen af. Al is die zeker niet meer zo hoog als tijdens het begin van de oorlog in Oekraïne. Ben ik blij met het begrotingsakkoord dat de accijnzen verschuift van elektriciteit naar fossiele brandstof? Nee, maar ik panikeer niet. Gas blijft goedkoper dan elektriciteit. Maar mensen onthouden alleen dat gas duurder wordt.” 

“Houthaarden krijgen dan weer de stempel ‘vervuilend’ en ‘ongezond’. Terwijl dat natuurlijk niet zo is, zeker niet bij de moderne houthaarden. Hout stoken kan op verschillende manieren. En akkoord, van de klassieke open haarden moeten we afscheid nemen, de uitstoot van fijnstof is gigantisch. Maar moderne toestellen met hedendaagse verbrandingstechnieken stoten amper fijn stof uit.” 

Alternatieven voor de klassieke vlam 

Natuurlijk zijn er alternatieven, zoals de elektrische haard. Die blijven voor Yagho wennen. “Je ziet geen echte vlam. Maar voor wie geen echte haard kan of mag steken, is dit wel ‘the next best thing’. Het is dan aan ons om uit het grote aanbod de beste toestellen te kiezen. Want geloof me, er is veel verschil in.”  

Of propaanhaarden, waarbij je toch echte vlammen en warmte ziet en voelt. “Gas mag niet meer, maar een propaantank in je tuin plaatsen en daarop je haard aansluiten, is perfect mogelijk”. Yagho ziet er de humor wel van in.  

Totaalinterieur 

Onder invloed van Yagho positioneert JDB zich de laatste jaren ook als volwaardige interieurspeler. “Bij een haard hoort een haardwand, dus schrijnwerk kwam er al altijd wat bij kijken. Doorheen de jaren zijn we ons verder gaan specialiseren. Nu kunnen klanten ook bij ons terecht voor hun totaalinterieur. En in die markt zit er, in tegenstelling tot de haarden, zeker nog groeipotentieel.” Al was een mogelijk tanende haardenmarkt niet de reden om met interieur te beginnen, blijkt het nu zeker een meerwaarde. 

“De concurrentie in de interieurwereld  is groot. Blijven innoveren en vernieuwen is heel belangrijk. Dat doen we. We zetten volop in op verdere automatisatie van onze productie. We spelen op hoog niveau, dat zeg ik zonder schaamte. Onze CNC-man slaapt dan ook bij manier van spreken op zijn CNC (lacht). Hij woont boven de productie en ’s avonds in zijn zetel is hij nog bezig met kijken naar filmpjes over CNC-machines.” 

Lees verder onder de foto

JDB Haarden
JDB Haarden
JDB Haarden
JDB Haarden

High-end 

In het najaar van 2022 opende JDB een gloednieuwe showroom. “Die heeft me toch een aantal levensjaren gekost”, lacht Yagho. “Maar de opening is één van de mooiste momenten van de afgelopen jaren. 250 aanwezigen die allemaal even enthousiast zijn, dat is een onbeschrijflijk gevoel. Er viel die avond een enorme last van mijn schouders”.  

“Door de showroom te verbouwen, richten we ons automatisch meer op de high-end klant. In dat segment blijft er werk. De gemiddelde klant waarmee we groot zijn geworden, de middenklasse, zien we nu wel minder. Dat vind ik jammer.” 

“Het gevoel dat je krijgt bij een tevreden klant, wie dan ook, daarvoor doe je het. Net voor ons gesprek werkte ik nog een haardwand af. Die mensen hadden daar tien jaar voor gespaard. Je kent dat, je geeft de uitleg, toont hoe alles werkt en dan zie je die klanten wegdromen in hun zetel. Fantastisch om mee te maken. Je kan mensen iets geven wat anderen niet kunnen.” 

Met werkbroek tussen de collega’s  

 “Voor mijn grootvader primeerde kwaliteit altijd boven kwantiteit. Bij mijn vader was dat net zo en ook ik neem kwaliteit voor op prijs. Op zakelijk vlak is ons bedrijf al drie generaties hetzelfde. Maar we zijn wel alle drie verschillende ondernemers. Mijn grootvader en mijn ouders waren, en ik zeg dat met alle respect, echt ‘de baas’. Dat was typisch voor de tijdgeest van toen. Zelf zal ik nooit het woord ‘personeel’ uitspreken. Natuurlijk heb ik op het einde van de rit wel de eindverantwoordelijkheid, maar ik werk samen en tussen de collega’s.” 

“Ik heb ook altijd een werkbroek aan, ik sta het liefst op de werf. De eerste jaren moest ik altijd ‘op den bureau’ zitten, want ik was de zoon van ‘de baas’. Maar van zodra ik de leiding overnam, zocht ik naar mensen die het bureauwerk konden overnemen. Ik wil alles weten en ben ook van alles op de hoogte, maar daarvoor moet ik niet de hele dag alles operationeel uitvoeren. Ik heb zelfs geen mailadres. Mensen moeten mij maar persoonlijk aanspreken, en dat doen ze ook.” 

“Trouwens, ik zou ook niet meer op bureau mogen zitten. Mijn vrouw Saffo zit ook in de zaak. Zij vult mij ongelooflijk aan, we zijn zo complementair. En zij begrijpt wat het is om een zaak te hebben. Maar die samenwerking lukt alleen maar net omdat we verschillende verantwoordelijkheden hebben. En we elkaar niet vaak zien overdag. Als ik dan toch eens op bureau ben, dan beginnen we sowieso te kibbelen en stuurt ze me naar de werf (lacht).”