België wacht te lang met omzetting Europese richtlijn gewoon rijbewijs tot 4,25 ton
Gepubliceerd op: 25/09/2026“Met de hoge brandstofprijzen aan de pomp zou je verwachten dat bouwbedrijven sneller willen omschakelen naar elektrische camionettes. Maar zo’n elektrische bestelwagen weegt op zichzelf al veel. Geladen kom je snel aan meer dan 3,5 ton. Om ermee te rijden heb je vandaag een aangepast rijbewijs nodig. Dat weerhoudt bouwbedrijven om te elektrificeren”, zegt Twain De Hondt, directeur studiedienst bij Bouwunie. De oplossing ligt nochtans voor de hand. Een Europese richtlijn maakt het mogelijk dat je ook met een gewoon rijbewijs voertuigen tot 4,25 ton mag besturen. Alleen, ons land heeft de richtlijn nog altijd niet omgezet. “Volgens de huidige planning is de omzetting voorzien voor ten vroegste eind 2027. Dat is te lang”, aldus Bouwunie. De bouworganisatie vraagt om de omzetting te versnellen. En om in tussentijd het lopende proefproject open te stellen voor alle bedrijven in de bouwsector.
Vandaag loopt een proefproject waarbij bedrijven uit de transportsector en bedrijven met minstens 10 camionettes met een gewoon rijbewijs kunnen rijden met een voertuig tot 4,25 ton. 95 procent van de bedrijven in de bouwsector zijn zelfstandigen of kmo’s. Zij geraken vaak niet aan het minimum van 10 camionettes waardoor ze niet in het proefproject kunnen stappen. Alle bouwbedrijven, ongeacht het aantal bestelwagens, toegang geven tot het proefproject zou al veel verhelpen, aldus Bouwunie.
Elektrificatie in de bouw
Bouwcamionettes elektrificeren, zou een winwin zijn op alle vlakken. Voor het milieu, maar ook voor de portemonnee van onze bouwbedrijven. Want 5 bouwcamionettes op diesel voltanken, kost een bouwbedrijf vandaag makkelijk 900 euro per maand meer in vergelijking met voor de zomer. Kosten die ze niet of nauwelijks kunnen doorrekenen.
Bouwbedrijven die vandaag al elektrisch rijden, moeten nu hun werking aanpassen om niet boven het gewicht van 3,5 ton uit te komen. Zo moeten ze vaker rijden, hun planning herbekijken of zelfs bijkomende voertuigen inzetten om hetzelfde werk gedaan te krijgen. Die inefficiëntie vertaalt zich rechtstreeks in hogere kosten, meer tijdverlies en een lagere rendabiliteit.