Vrijstelling van vergunning voor stedenbouwkundige handelingen

Laatst bijgewerkt: 21/04/2026

Door een aantal technische aanpassingen in het vrijstellingenbesluit moet sinds 1 januari 2025 voor bepaalde stedenbouwkundige handelingen niet langer een vergunning aangevraagd worden en wordt zo de administratieve last wat beperkt. Sinds 1 maart 2026 werden bijkomend een aantal stedenbouwkundige handelingen vrijgesteld van de vergunningsplicht. Deze wijzigingen komen voort uit de inwerktreding van aanpassingen in het Vrijstellingenbesluit, het meldingsbesluit en de limitatieve lijst van vrijgestelde of niet-vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen waarvoor gemeenten via een stedenbouwkundige verordening een vergunningsplicht kunnen invoeren. Deze besluiten dienen samen gelezen te worden.

Opgelet: er zijn wel voorwaarden verbonden aan al deze vrijstellingen. Bekijk dus voor elke handeling apart wat van toepassing is op jouw project. We raden aan om je steeds te informeren bij de lokale dienst Ruimtelijke ordening. Die kan jou adviseren op maat van jouw project. 

Deze zaken vallen al onder de vrijstellingen:

  • Het voorzien van een vrijstelling voor het aanbrengen van isolatie tegen gevels en daken, behoudens in erfgoedcontext;
  • Invoeren van een vrijstelling voor het (beperkt) overwelven of inbuizen van grachten in functie van de enige oprit of toegang tot percelen;
  • Vereenvoudiging voor complexe (infrastructuur)projecten. De huidige formulering van het Vrijstellingenbesluit leidt soms tot vergunningsaanvragen die een echte puzzel zijn: bepaalde stukken zijn vrijgesteld, andere stukken vergunningsplichtig, waardoor bv. het concrete verloop van een leiding zeer moeilijk samen te stellen is.

Sinds 1 maart 2026 gelden, onder welbepaalde voorwaarden, ook volgende vrijstellingen:

  • Handelingen aan gevels en daken, zonder de energieprestatie van het gebouw te verslechteren en zonder het fysieke bouwvolume te wijzigen.
  • Het aanbrengen van isolatie, met inbegrip van de gebruikelijke afwerking ervan, aan de buitenzijde van gevels en daken tot een maximum van 26 centimeter, voor zover de rooilijn niet overschreden wordt
  • De plaatsing van zonnepanelen of zonneboilers die:
    • zijn geplaatst op een plat dak, tot maximaal 1 meter boven de dakrand;
    • zijn geïntegreerd in of op het hellende dakvlak;
    • zijn bevestigd op een gevel, met een totale maximale oppervlakte van vier vierkante meter per gevel;
    • zijn bevestigd aan een balkonafsluiting
  • Binnenverbouwingen
  • De plaatsing van bovengrondse onderdelen van warmtepompen en airco’s in de tuin, op een gevel of op een plat dak, ingeplant tot op twee meter van de perceelsgrens of tot tegen een bestaande scheidingsmuur. Ook indien deze toestellen op een voorgevel  of op een plat dak zijn geplaatst kan een vrijstelling gelden.
  • De bestaande vrijstelling voor de herinrichting van terreinen wordt beperkt tot overdekte constructies van max. 100m² of gebouwen tot 40m².

Aan bovenstaande vrijstellingen zijn er een aantal voorwaarden verbonden:

  • Als de handelingen gepaard gaan met stabiliteitswerken, geldt de vrijstelling alleen als een architect wordt aangesteld voor het ontwerp en de controle van de handelingen.
  • Er mag geen vergunningsplichtige functiewijziging worden doorgevoerd
  • Het aantal woongelegenheden moet ongewijzigd blijven
  • De handelingen vinden plaats aan een hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte woning of hoofdzakelijk vergund of vergund geacht gebouw
  • De handelingen zijn:
    • Niet strijdig met verordeningen of voorwaarden van afgegeven vergunningen
    • Niet strijdig met lokale plannen of recente verkavelingen
    • Niet strijdig met andere regelgeving, zoals de regeling inzake onroerend erfgoed waarvoor een apart systeem van toelatingen geldt, of het burgerlijk wetboek
  • De handelingen worden niet uitgevoerd:
    • in (buffer van) werelderfgoed
    • als het gebouw opgenomen is in de vastgestelde inventaris bouwkundig erfgoed, maar niet beschermd
  • Voor Beschermd erfgoed geldt een aparte regeling

Wil je dus je bestaande gevel beter isoleren, dan kan je dit werk voortaan vergunningsvrij uitvoeren, tenminste als de uitvoering binnen de voorwaarden voor deze vrijstelling valt. Check dus goed na of er bv. een lokale verordening of vergunningsvoorwaarde is die iets oplegt over de materialen en kleuren van de gevelafwerking. Het kan bij voorbeeld niet toegestaan zijn om pleisterwerk of een houten gevelbekleding te gebruiken of er is eventueel een verplichting voor een bepaalde kleur metselwerk.

Er zijn daarnaast ook nog vrijstellingen opgenomen voor o.a. het plaatsen van schuilhokken, inbuizing, werken tbv landbouw, handelingen op openbaar domein, aanleg van een wadi, technische constructies van algemeen belang, en nog een reeks andere stedenbouwkundige handelingen. Ook hier zijn telkens voorwaarden aan verbonden.

Door de wijziging aan het meldingsbesluit vallen de binnenverbouwingen en werken aan gevels en daken van hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte gebouwen voortaan onder de vrijstellingen. Opgelet: worden er stabiliteitswerken uitgevoerd bij de geplande werken, dan moet er ikv de zorgvuldigheidsplicht, altijd een architect aangesteld worden voor het ontwerp en de controle op de uitvoering. De oprichting van bijgebouwen die aangebouwd zijn aan de hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte woning zijn niet langer meldingsplichtig, maar vallen terug onder de vergunningsplicht. Voor een aanbouwveranda heeft men voortaan dus een vergunning nodig tenzij die voor 1 maart 2026 al gemeld werd via het omgevingsloket.

Een overzicht van de wijzigingen van het vrijstellingenbesluit, meldingenbesluit en de limitatieve lijst van vrijgestelde  of niet-vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen waarvoor gemeenten via een stedenbouwkundige verordening een vergunningsplicht kunnen invoeren, vind je op deze website van de Vlaamse overheid: wijziging vrijstellingsbesluit

Zelfs als een werk onder de vrijstelling valt, kunnen de bijhorende voorwaarden zoals hierboven al aangegeven, alsook andere regels of voorschriften alsnog de vrijstelling beperken. Het gaat bv. om lokale stedenbouwkundige verordeningen, gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen en bijzondere plannen van aanleg. Je moet dus steeds controleren of de vrijstelling voor jouw project van toepassing is. 

Informeer je daarom altijd bij de lokale dienst Ruimtelijke ordening. Zij kunnen met jou kijken wat voor jouw project van toepassing is. Zo ben je zeker dat je jouw bouwdossier van bij het begin juist aanpakt.

Info

Op de website van het Omgevingsloket vind je een overzicht van de verschillende stedenbouwkundige handelingen. Er staat aangegeven of je er een vergunning moet voor vragen en of medewerking van een architect vereist is.

Omgevingsloket: Stedenbouwkundige handelingen | Vlaanderen.be

Advies van